ВУЗ:
Составители:
Рубрика:
165
Twee poppensoldaten pakten Harlekijn vast en sleepten hem naar het vuur.
Pinokkio ging op zijn knieлn voor de reus zitten en zei: “Alstublieft, heb
medelijden, meneer Vuurvreter. Harlekijn heeft toch niemand kwaad gedaan.”
“Nee, dat is ook zo. Maar ik moet een vuur hebben om mijn vlees te braden,”
zei de reus.
“Ik wil niet dat Harlekijn voor mij moet sterven,” zei Pinokkio. “Soldaten,
laat hem los en gooi mij maar in het vuur.”
Alle poppen begonnen te huilen. Wat was Pinokkio een moedige, lieve jon-
gen. Plotseling begon Vuurvreter opnieuw te niezen. Hij niesde ййn keer, twee
keer, drie keer. En daarna tilde hij Pinokkio op.
“Je bent een brave jongen!” zei hij. “Ik zal Harlekijn vrijlaten. En dan zal ik
voor deze ene keer geen vlees eten.”
Vuurvreter zette Pinokkio op zijn knie en vroeg hem waar hij vandaan kwam
en wie zijn vader was. En toen hij hoorde dat Gepetto heel arm was, begon hij
opnieuw te niezen en hij zei: “Hier zijn vijf goudstukken, Pinokkio. Geef ze
aan je vader en zeg hem dat hij voortaan beter op je moet passen. En ga nu
maar gauw naar huis voordat ik me bedenk.”
Pinokkio nam afscheid van iedereen en liep naar buiten. Hij was heel erg blij,
want nu kon hij niet alleen een nieuw taalboek maar ook een nieuwe jas voor
Gepetto kopen. Hij liep door de straten en floot een vrolijk deuntje. Bij elke
stap gooide hij een gouden muntstuk in de lucht en ving het weer op.
Pinokkio dacht eraan hoe blij Gepetto met het geld zou zijn. Maar hij wist
toen nog niet dat het een hele tijd zou duren voordat hij de houtsnijder terug
zou zien…
Want even verderop stonden twee dieren, meneer Vos met een groot verband
om zijn rechtervoet en meneer Kat, die een zonnebril op had en op zijn borst
een bord droeg waar “BLIND” op stond. De vos leunde op de schouder van
de kat en vertelde hem hoe hij moest lopen.
“Goedemiddag, meneer Vos,” antwoordde Pinokkio beleefd, terwijl hij het
goudstuk in de lucht gooide. De gouden munt glinsterde in het zonlicht. Even
leek het of de gewonde poot van de vos bewoog en of de blinde ogen van de
kat opengingen.
De vos en de kat liepen met Pinokkio mee.
“Wat heb jij een hoop geld,” zei de vos. “Mag ik vragen wat je daarmee gaat
doen?”
“Eerst ga ik een nieuwe jas voor mijn vader kopen,” antwoordde Pinokkio.
“En daarna koop ik een taalboek. Ik ga namelijk naar school, want ik wil een
flinke jongen worden.”
PDF created with pdfFactory Pro trial version www.pdffactory.com
Twee poppensoldaten pakten Harlekijn vast en sleepten hem naar het vuur.
Pinokkio ging op zijn knieлn voor de reus zitten en zei: “Alstublieft, heb
medelijden, meneer Vuurvreter. Harlekijn heeft toch niemand kwaad gedaan.”
“Nee, dat is ook zo. Maar ik moet een vuur hebben om mijn vlees te braden,”
zei de reus.
“Ik wil niet dat Harlekijn voor mij moet sterven,” zei Pinokkio. “Soldaten,
laat hem los en gooi mij maar in het vuur.”
Alle poppen begonnen te huilen. Wat was Pinokkio een moedige, lieve jon-
gen. Plotseling begon Vuurvreter opnieuw te niezen. Hij niesde ййn keer, twee
keer, drie keer. En daarna tilde hij Pinokkio op.
“Je bent een brave jongen!” zei hij. “Ik zal Harlekijn vrijlaten. En dan zal ik
voor deze ene keer geen vlees eten.”
Vuurvreter zette Pinokkio op zijn knie en vroeg hem waar hij vandaan kwam
en wie zijn vader was. En toen hij hoorde dat Gepetto heel arm was, begon hij
opnieuw te niezen en hij zei: “Hier zijn vijf goudstukken, Pinokkio. Geef ze
aan je vader en zeg hem dat hij voortaan beter op je moet passen. En ga nu
maar gauw naar huis voordat ik me bedenk.”
Pinokkio nam afscheid van iedereen en liep naar buiten. Hij was heel erg blij,
want nu kon hij niet alleen een nieuw taalboek maar ook een nieuwe jas voor
Gepetto kopen. Hij liep door de straten en floot een vrolijk deuntje. Bij elke
stap gooide hij een gouden muntstuk in de lucht en ving het weer op.
Pinokkio dacht eraan hoe blij Gepetto met het geld zou zijn. Maar hij wist
toen nog niet dat het een hele tijd zou duren voordat hij de houtsnijder terug
zou zien…
Want even verderop stonden twee dieren, meneer Vos met een groot verband
om zijn rechtervoet en meneer Kat, die een zonnebril op had en op zijn borst
een bord droeg waar “BLIND” op stond. De vos leunde op de schouder van
de kat en vertelde hem hoe hij moest lopen.
“Goedemiddag, meneer Vos,” antwoordde Pinokkio beleefd, terwijl hij het
goudstuk in de lucht gooide. De gouden munt glinsterde in het zonlicht. Even
leek het of de gewonde poot van de vos bewoog en of de blinde ogen van de
kat opengingen.
De vos en de kat liepen met Pinokkio mee.
“Wat heb jij een hoop geld,” zei de vos. “Mag ik vragen wat je daarmee gaat
doen?”
“Eerst ga ik een nieuwe jas voor mijn vader kopen,” antwoordde Pinokkio.
“En daarna koop ik een taalboek. Ik ga namelijk naar school, want ik wil een
flinke jongen worden.”
165
PDF created with pdfFactory Pro trial version www.pdffactory.com
Страницы
- « первая
- ‹ предыдущая
- …
- 163
- 164
- 165
- 166
- 167
- …
- следующая ›
- последняя »
