Lectuur voor beginners: Книга для домашнего чтения по нидерландскому языку. Пода И.З - 112 стр.

UptoLike

Составители: 

112
6. Vat de tekst schriftelijk samen en vertel de tekst na.
7. Vertaal in het Nederlands:
1. Наверное, она ревнует (44). 2. Вероятно, он им всё рассказал. 3. Мы
приятно проведём (maken) время. 4. Я совсем не собираюсь ему помогать.
5. Он всё время шёл за ними. 6. Он придумал хитроумный (slim) план. 7. Что
бы ни произошло, вы должны сохранять спокойствие (kalm). 8. Хотя он
богат и знаменит, он всё же несчастлив. 9. Как я ни стараюсь, мне это не
удаётся. 10. Хотя он и прав, я не хочу следовать его совету (42а).
Hans en Grietje waren zo moe van de lange wandeling, dat ze eerst wat wilden
rusten. Ze vielen meteen in slaap. Toen ze wakker werden, was het al donker.
En weer waren ze helemaal alleen. Maar deze keer huilde Grietje niet. “Wat
heb je nu op het pad laten vallen, Hans?”
Stukjes brood, zei Hans.
Maar waar liggen ze dan? vroeg Grietje. Ik zie niks.”
En hoe ze ook zochten, nergens zagen ze stukjes brood liggen. De vogels
hadden ze opgegeten…
Het werd koud in het bos. Hans en Grietje gingen onder een boom liggen en
kropen dicht tegen elkaar aan. In de loop van de nacht begon het te vriezen en
alles werd wit van de rijp. Toen de vogels zagen hoe koud Hans en Grietje het
hadden, begonnen ze te zingen: Het is onze schuld, want wij hebben de brood-
kruimels opgegeten. En ze gingen bladeren zoeken en lieten die op de kin-
deren vallen, zodat ze het niet zo koud meer hadden.
De volgende morgen liepen Hans en Grietje verder. Na een tijdje kwamen ze
bij een open plek in het bos. Midden op die open plek stond een huisje. Het
was een heel bijzonder huisje, want het was gemaakt van allemaal lekkere
dingen. De muren van het huisje waren van peperkoek, de ramen van suiker-
goed en het dak was van chocolade.
Hans en Grietje hadden ontzettende honger. Ze renden naar het huisje en be-
gonnen stukjes koek van de muren af te breken. Plotseling hoorden ze iemand
in het huisje zeggen:
Knibbel, knabbel, knuisje,
Wie knabbelt aan mijn huisje?”
En de kinderen antwoordden:
“Dat doet de wind,
die snoepen zo lekker vindt.”
Toen kwam er een oud vrouwtje naar buiten. “jullie mogen mijn huisje niet
opeten, lieve kinderen, zei ze. Kom maar binnen, dan zal ik pannenkoeken
voor jullie bakken.”
PDF created with pdfFactory Pro trial version www.pdffactory.com
                      6. Vat de tekst schriftelijk samen en vertel de tekst na.

                      7. Vertaal in het Nederlands:
                      1. Наверное, она ревнует (44). 2. Вероятно, он им всё рассказал. 3. Мы
                      приятно проведём (maken) время. 4. Я совсем не собираюсь ему помогать.
                      5. Он всё время шёл за ними. 6. Он придумал хитроумный (slim) план. 7. Что
                      бы ни произошло, вы должны сохранять спокойствие (kalm). 8. Хотя он
                      богат и знаменит, он всё же несчастлив. 9. Как я ни стараюсь, мне это не
                      удаётся.     10. Хотя он и прав, я не хочу следовать его совету (42а).

                      Hans en Grietje waren zo moe van de lange wandeling, dat ze eerst wat wilden
                      rusten. Ze vielen meteen in slaap. Toen ze wakker werden, was het al donker.
                      En weer waren ze helemaal alleen. Maar deze keer huilde Grietje niet. “Wat
                      heb je nu op het pad laten vallen, Hans?”
                      “Stukjes brood,” zei Hans.
                      “Maar waar liggen ze dan?” vroeg Grietje. “Ik zie niks.”
                      En hoe ze ook zochten, nergens zagen ze stukjes brood liggen. De vogels
                      hadden ze opgegeten…
                      Het werd koud in het bos. Hans en Grietje gingen onder een boom liggen en
                      kropen dicht tegen elkaar aan. In de loop van de nacht begon het te vriezen en
                      alles werd wit van de rijp. Toen de vogels zagen hoe koud Hans en Grietje het
                      hadden, begonnen ze te zingen: “Het is onze schuld, want wij hebben de brood-
                      kruimels opgegeten.” En ze gingen bladeren zoeken en lieten die op de kin-
                      deren vallen, zodat ze het niet zo koud meer hadden.
                      De volgende morgen liepen Hans en Grietje verder. Na een tijdje kwamen ze
                      bij een open plek in het bos. Midden op die open plek stond een huisje. Het
                      was een heel bijzonder huisje, want het was gemaakt van allemaal lekkere
                      dingen. De muren van het huisje waren van peperkoek, de ramen van suiker-
                      goed en het dak was van chocolade.
                      Hans en Grietje hadden ontzettende honger. Ze renden naar het huisje en be-
                      gonnen stukjes koek van de muren af te breken. Plotseling hoorden ze iemand
                      in het huisje zeggen:
                                                “Knibbel, knabbel, knuisje,
                                             Wie knabbelt aan mijn huisje?”
                      En de kinderen antwoordden:
                                                    “Dat doet de wind,
                                               die snoepen zo lekker vindt.”
                      Toen kwam er een oud vrouwtje naar buiten. “jullie mogen mijn huisje niet
                      opeten, lieve kinderen,” zei ze. “Kom maar binnen, dan zal ik pannenkoeken
                      voor jullie bakken.”
                                                                                               112




PDF created with pdfFactory Pro trial version www.pdffactory.com