Lectuur voor beginners: Книга для домашнего чтения по нидерландскому языку. Пода И.З - 85 стр.

UptoLike

Составители: 

85
DE VOS EN DE OOIEVAAR
Op een keer nodigde een vos een ooievaar uit om bij hem te komen eten.
Toen de ooievaar er was schepte de vos pap op. Op een groot plat bord. Daar
kon de ooievaar met zijn lange snavel niet goed van eten. En vууrdat hij ййn
hap naar binnen had gekregen, had de vos zijn bord al leeggeslobberd.
De ooievaar dacht: Dat zet ik je betaald, waarde vriend!”
Hij braadde een lekker kipje. Want hij wist, dat de vos daar van hield. Toen
deed hij de kip in een fles met een heel lange hals. In een andere fles deed hij
een paar kikkers.
Toen nodigde hij de vos uit voor de feestmaaltijd.
Ga je gang, beste vos! Ga je gang! zei de ooievaar.
Maar de fles had zуn nauwe hals, dat de vos niet bij zijn kip kon komen.
De ooievaar stak zijn lange snavel in de fles met kikkers en at ze lekker op.
Houd je niet van kip? vroeg de ooievaar.
O, jawel, maar ik kan er niet bijkomen, antwoordde de vos.
Als je me belooft niet meer zo rot te doen, mag je morgen met mij uit eten,”
zei de ooievaar.
Dat beloofde de vos en sinds die tijd aten ze vaak samen heel lekker hun
buikje vol. Van toen af aan waren ze dikke vrienden.
HUISWERK
1. Woordenlijst:
de ooievaar аист; de pap каша; op/scheppen наливать, класть (еду); прежде
чем; plat плоский, мелкий; de snavel клюв; de hap кусок, een hapje eten
перекусить; leeg/slobberen выхлебать (vergelijk: het bord leeg/eten); dat zet ik
je betaald я тебе отплачу (= отомщу) за это; braden жарить; de kip курица;
de hals шея; de kikker лягушка; de feestmaaltijd праздничная еда; ga je
gang! давай!; nauw узкий; jawel да, когечно (положительный ответ на
вопрос с отрицанием); rot doen вредничать, doe niet zo rot! не вредничай!;
morgen завтра; uit eten есть за пределами дома (в кафе, ресторане); sinds
с, sinds die tijd с того времени; zijn buikje vol eten (= zich vol/eten) наесться
досыта; vanaf: van toen af aan с тех пор; dikke vrienden zijn быть зака-
дычными друзьями.
2. Aanvullende woordenlijst:
op/dienen подавать на стол; het lievelingsgerecht (-boek, - auteur, -dichter, -
schrijver, -vak, -lied) любимое блюдо; favoriet любимый (jurk, kleren, kleur,
schrijver); de rijst рис; patates frites (meervoud, произн.: patat friet) картофель
PDF created with pdfFactory Pro trial version www.pdffactory.com
                                            DE VOS EN DE OOIEVAAR

                      Op een keer nodigde een vos een ooievaar uit om bij hem te komen eten.
                      Toen de ooievaar er was schepte de vos pap op. Op een groot plat bord. Daar
                      kon de ooievaar met zijn lange snavel niet goed van eten. En vууrdat hij ййn
                      hap naar binnen had gekregen, had de vos zijn bord al leeggeslobberd.
                      De ooievaar dacht: “Dat zet ik je betaald, waarde vriend!”
                      Hij braadde een lekker kipje. Want hij wist, dat de vos daar van hield. Toen
                      deed hij de kip in een fles met een heel lange hals. In een andere fles deed hij
                      een paar kikkers.
                      Toen nodigde hij de vos uit voor de feestmaaltijd.
                      “Ga je gang, beste vos! Ga je gang!” zei de ooievaar.
                      Maar de fles had zу’n nauwe hals, dat de vos niet bij zijn kip kon komen.
                      De ooievaar stak zijn lange snavel in de fles met kikkers en at ze lekker op.
                      “Houd je niet van kip?” vroeg de ooievaar.
                      “O, jawel, maar ik kan er niet bijkomen,” antwoordde de vos.
                      “Als je me belooft niet meer zo rot te doen, mag je morgen met mij uit eten,”
                      zei de ooievaar.
                      Dat beloofde de vos en sinds die tijd aten ze vaak samen heel lekker hun
                      buikje vol. Van toen af aan waren ze dikke vrienden.


                      HUISWERK

                      1. Woordenlijst:
                      de ooievaar – аист; de pap – каша; op/scheppen – наливать, класть (еду); прежде
                      чем; plat – плоский, мелкий; de snavel – клюв; de hap – кусок, een hapje eten –
                      перекусить; leeg/slobberen – выхлебать (vergelijk: het bord leeg/eten); dat zet ik
                      je betaald – я тебе отплачу (= отомщу) за это; braden – жарить; de kip – курица;
                      de hals – шея; de kikker – лягушка; de feestmaaltijd – праздничная еда; ga je
                      gang! – давай!; nauw – узкий; jawel – да, когечно (положительный ответ на
                      вопрос с отрицанием); rot doen – вредничать, doe niet zo rot! – не вредничай!;
                      morgen – завтра; uit eten – есть за пределами дома (в кафе, ресторане); sinds
                      – с, sinds die tijd – с того времени; zijn buikje vol eten (= zich vol/eten) – наесться
                      досыта; vanaf: van toen af aan – с тех пор; dikke vrienden zijn – быть зака-
                      дычными друзьями.

                      2. Aanvullende woordenlijst:
                      op/dienen – подавать на стол; het lievelingsgerecht (-boek, - auteur, -dichter, -
                      schrijver, -vak, -lied) – любимое блюдо; favoriet – любимый (jurk, kleren, kleur,
                      schrijver…); de rijst – рис; patates frites (meervoud, произн.: patat friet) картофель
                                                                                                         85




PDF created with pdfFactory Pro trial version www.pdffactory.com